Waterval les 42: Rechtpraten wat krom is

 

* Dialoog boek

1. Regel: ik help hun of hen?
2. Regel: ik neem ze - of deze/die?

Dril: hen, hun of ze (of deze/die)?
Het object, derde persoon meervoud (niveau oefening: C2)

3. Lezen
4a. Luisteren
4b. Luisteren
5. Spreken

6. Schrijven

7. Woordenschat
8. Meer woordenschat
9. Rollenspel
10. Wetenschappelijke woordenschat

11. Extra verhaal
12. Scheidbare werkwoorden

Gerard Cox - Arme Ouwe (1966, Guus Vleugel/Rogier van Otterloo)



Tekstdichter Guus Vleugel kreeg voor dit liedje over koningin Juliana
een proces voor majesteitschennis aan zijn broek.
Ook volgden er vragen in de Tweede Kamer.
Opschudding alom!


't Is Prinsjesdag vandaag
En alle andre provo's zijn vertrokken naar Den Haag
Maar ik ben d'r niet bij
'k Ben netjes thuisgebleven, want ze hebben niks aan mij

Niet dat ik pro-Oranje ben, ik haat de monarchie
Ik kan wel kotsen als ik Trix of Claus of Bernhard zie
En Juliaan is ook niet veel, dat geef ik dadelijk toe
Ze is volstrekt verwerpelijk, maar ze lijkt zo op me moe

Die heeft ongeveer hetzelfde soort figuur
Die heeft ook zoiets onzekers in haar ogen
Die kan ook zo prutsen aan d'r brilmontuur
Als ze bang is dat de mensen haar niet mogen

En in Den Haag had ik dus nooit
Een rookbom naar d'r koets gegooid
Ik had het echt niet opgebracht
En enkel maar gedacht

Arme ouwe, blijf maar zitten op je troon
Ach wat zouen we jou daar nou af gaan douwen?
Blijf maar zitten, net als vroeger, doodgewoon
Arme ouwe, arme ouwe

Laatst op het filmjournaal
Toen zag ik 'r weer staan, bij een of ander stoomgemaal
Ze kreeg uiteengezet
Hoe of die dingen werken, door een klootzak in jacquet

Ze luisterde geinteresseerd naar al 't geouwehoer
Al snapt het mens van stoomgemalen heus niet ene moer
En toch maar dapper knikken, als een vriendelijke koe
Toen dacht ik weer: Verdomd, het is precies mijn eigen moe

Er is heel wat aan d'r loos, dat weet ik best
Maar mijn moeder heeft dezelfde mankementen
Die is ook zo bijgelovig als de pest
Die is af en toe ook aardig op de centen

En toen ze over 't filmdoek schreed
Als altijd niet te best gekleed
Toen was het eigenlijk zo'n dot
En dacht ik weer: Ach god

Arme ouwe, blijf maar fijn in je paleis
Blijf maar fijn langs alle stoomgemalen sjouwen
Heus, wij stellen dat ontzaggelijk op prijs
Arme ouwe, arme ouwe

Ik weet, het is gezeik
Ze is geen arme ouwe, want ze is ontzettend rijk
En als ik haar niet zie
Dan heb ik heus geen last van een teveel aan sympathie

Ik ben nu voor ons blaadje aan het werk aan een cartoon
Vandaag is 't immers Prinsjesdag, dan moet een mens wat doen
Een dame met een kroontje en een bril zit op 't toilet
En veegt 'r gat af aan een duizendguldenbankbiljet

Je kan zeggen, dat is niet bijzonder fijn
En ik ben de eerste om dat toe te geven
Maar dat zal me zo een grote rotzorg zijn
Als uiteindelijk die troep wordt opgeheven

Al voeg ik daar meteen aan toe
Dat ik nou wel erg kranig doe
Maar mocht ik 'r dan ooit nog zien
Dan dacht ik toch, misschien

Arme ouwe, waarom hebben we 't gedaan
Waarom hebben we je niet gewoon gehouwen
Want je was toch onze brave Juliaan
Arme ouwe, arme ouwe